Recensie

Verslag Crossing Border Festival 2016

Verslag Crossing Border Festival 2016, recensie, review

Het Haagse Crossing Border Festival mag dan de afgelopen jaren wat ondergesneeuwd zijn geraakt in het massale festivalaanbod, toch weet de organisatie ieder jaar weer een bijzonder programma bij elkaar te krijgen. En ook dit jaar bewijst het festival zijn meerwaarde. Buiten het uitstekende muziekprogramma is er ook aandacht voor poëzie, graphic novels en zijn er literaire voordrachten van niemand minder dan PJ Harvey, Tim Burgess (The Charlatans) en Karl Hyde (Underworld). Twee volle avonden cultuur snuiven in hartje Den Haag.

VRIJDAG

Het eerste concert van dit weekend is Sarah Neufeld, de violiste van Arcade Fire. Ze heeft inmiddels al meer albums uitgebracht buiten de band, waaronder haar naar modern klassiek neigende werk met saxofonist Colin Stetson. Ze begint solo, slechts gewapend met viool en looping pedaal. Door het loopen ontstaan er een Steve Reich-achtig patroon, waar ze live overheen soleert. Het publiek kijkt en luistert aandachtig en laat zich opslokken in de trance die Neufeld creëert. Vanaf het tweede nummer wordt ze aangevuld door een drummer die haar opzwepende vioolspel voorziet van een stuwend ritme of sferisch cymbal spel. Mede door dat ritme neigt het hier en daar naar traditioneel Iers fiddle-werk, maar dan iets donkerder. Neufeld zingt soms ook over de loops en drums heen. De ene keer zorgt ze voor een mystiek randje met lange ooh's en aah's, de andere keer zijn het songs met tekst en doet de stem en zangstijl denken aan Bat For Lashes. Een mooie openeren en voor vele een goede eerste kennismaking met haar solo-werk.

Sarah Neufeld

De grote zaal is al vroeg volgestroomd voor een van de publieksfavorieten van deze editie: Emiliana Torrini. De IJslandse zangeres is benaderd door het Belgische The Colorist die bewerkingen van haar nummers wilde maken. Het achtkoppige orkest is met haar nummers aan de haal gegaan en Torrini wijst er even op dat het niet haar project is, maar dat alle eer naar de Belgen gaat: “Zij waren hard aan het werk terwijl ik ergens een cocktail zat te drinken” zegt ze lachend. Na een instrumentale opener komt Torrini het podium op onder luid applaus. Het eerste nummer met haar is Caterpillar, dat grotendeels wordt gedragen door viool, contrabas en een goed geplaatst rimshot. Iedereen op het podium geniet zichtbaar en dat werkt aanstekelijk op het publiek, de sfeer is hier opperbest. Naast bekende nummers als Gun en Today Has Been Ok is er ook ruimte voor ander materiaal. Het met Kid Koala geschreven Night Fall is een verrassende keuze en When We Dance is zelfs een nieuw nummer, geschreven door The Colorist met Torrini samen. Speed Of Dark, naar eigen zeggen haar enige 'dance' nummer, wordt een opzwepende en dampend geheel waar het orkest lekker los kan gaan en zo wordt er om half negen 's avonds al gedanst in de grote zaal. Op de vraag of we als laatste een 'happy or sad song' willen, wordt al snel duidelijk dat het happy moet zijn. Binnen luttele seconde hebben de meeste bezoekers door dat het laatste nummer Jungle Drum is, misschien wel haar grootste hit, en er wordt luid gejuicht en gejoeld door de hele zaal. The Colorist doet er een schepje bovenop en er wordt nog meer gedanst dan bij Speed of Dark. Een vroeg hoogtepunt van een weekend dat nu al niet meer stuk kan.

Emiliana Torrini

Van IJsland gaan we naar Mauritanië in de Westelijke Sahara. Noura Mini Seymali is een traditionele Griot zangeres die op haar 13 al begonnen is met zingen, toen nog samen met haar moeder. Haar zangstijl is Afrikaans, maar heeft ook elementen van Indiase zang in zich. Hoewel de zang traditioneel is, heeft de muziek veel moderne elementen, waaronder het electrische gitaarspel van Syemali's man. Hij speelt lekker losjes op zijn vrij rauw klinkende gitaar en het nijgt naar 60's psychedelica. De groove is typisch Afrikaans en de boel swingt dan ook als een malle. Ik heb overigens zelden een bassist zo weinig zien doen met zo veel effect! Hij zit, kijkt ietwat verveelt voor zich uit, maar hij heeft meer funk in zijn kleine teen dan een heleboel bassisten in hun hele lichaam. En het is wederom dansen geblazen in de propvolle kleine zaal.

Aansluitend begint de lezing en Q&A van Underworld's Karl Hyde in de Lutherse Kerk. Het gesprek wordt geleid door Robin Turner de co-auteur en mede-samensteller van zijn onlangs verschenen biografie I Am Dogboy. Begeleidt door Hyde zelf gemaakte snapshots leest hij voor over de zijn begintijd met het andere Underworld-lid Rick Smith en de totstandkoming van hun eerdere band Freur. Hij is een geanimeerd verteller, zijn armen gaan alle kanten op, hij doet een klein dansje en schud losjes met de schouders bij het woord swagger. We horen een diep persoonlijk verhaal, verteld door iemand die er geen doekjes om heen windt. Het is niet allemaal rozengeur en maneschijn als beginnend artiest. Hij vertelt hoe punk hem teleurstelde en dat rave de eerste stroming was waar hij zich echt thuis voelde. De invloed van Lou Reed's New York album op zijn werk en schrijfstijl: 'Ik kan geen begin-midden-eind verhalen schrijven, maar ik kan hele goede middens schrijven'. En zijn absolute waardering voor de producer, engineer en muzikant Rick Smith: 'Ik moest met hem in een band zitten, maakte niet uit hoe of wat, als Rick er maar in zat'. De Q&A komt niet op gang omdat niemand een vraag durft te stellen, dus grijpt Hyde de kans om nog een stukje voor te lezen. Het boek lijkt geschreven in de snelle, to-the-point manier als zijn teksten en er zullen weinig fans in de zaal zijn die niet over de streep zijn getrokken om het boek aan te schaffen.

Karl Hyde

Terug in de kleine zaal is het de beurt aan de Braziliaan Rodrigo Amarante die momenteel enige bekendheid geniet omdat het thema van de hit tv-serie Narcos van hem is. In zijn eentje op een akoestische gitaar brengt hij Bossa Nova, bestemd voor de 21e eeuw. De nummers zijn afwisselend in het Portugees, Frans en Engels gezongen, maar of ze hem nou verstaan of niet, het publiek luistert even aandachtig. Amarante kijkt tegelijk verbaasd en opgewekt tussen de nummers door en tijdens de nummers kijkt hij het publiek of een bezoeker in het bijzonder zeer indringend aan. Zijn geraspte stem en ruwe uiterlijk geven hem de uitstraling alsof hij zijn nummers eerst heeft geleefd alvorens ze op te nemen. Hij is een soort kruising tussen Joao Gilberto en Townes van Zandt. De nummers hebben stuk voor stuk een tijdloze kwaliteit en zouden zo uit de hoogtijdagen van de Bossa kunnen komen. Hij is oprecht en puur en heeft een stem waar je geen genoeg van kan krijgen. Heerlijk.

Rodrigo Amarante

Tegelijkertijd is in de Lutherse Kerk Lisa Hannigan bezig aan het laatste optreden van haar tournee in wat zij noemt: 'The perfect place to end it'. Het meisje van de Damien Rice platen staat inmiddels op eigen benen en de kerk is dan ook ramvol. Wanneer Hannigan spreekt hoor je dat ze schor is, of van het toeren of een ouderwetse verkoudheid, maar als ze zingt is daar niks meer van te merken. Het publiek is muisstil en de nummers worden met veel gevoel gebracht door een band die duidelijk goed op elkaar ingespeeld is. De kerk is een perfecte locatie om aandachtig te luisteren, al helemaal als de muziek zo bijzonder mooi is al die van Hannigan en Co. Een hoogtepunt van het festival voor heel veel bezoekers.

De afsluiter van de grote zaal is Michael Franti (foto helemaal boven)Hij heeft voor het gemak zijn band thuisgelaten en doet het vanavond, naast zijn stem en akoestische gitaar, met een tweede akoestische gitarist en een drumcomputer. Er klinkt een simpele vierkwartsmaat door speakers waar ritmisch op wordt meegeragd door de twee gitaristen. Het heeft een hoog mee-stamp gehalte en zal opzwepend bedoeld zijn. Ik ben niet de enige die bedenkelijk kijkt naar deze magere bezetting die qua muziek eerder thuis hoort op een festival als de Zwarte Cross. De zaal stroomt in rap tempo leeg en ik zie vanuit de foyer veel verbouwereerde gezichten de trap afkomen. Er is een oudere dame die aan de vriendelijke verkoper van de Velvet-kraam vraagt of die man in de grote zaal toch echt de man is van deze cd, terwijl zij naar Franti's laatste album wijst. De verkoper antwoord bevestigend en de vrouw is zichtbaar in shock. Franti is een rasmuzikant en hij weet zich prima te redden met slechts een enkele gitaar, wat hij ook laat zien wanneer hij tussen het overgebleven publiek solo een nummer speelt. Maar wat de keuze is om in deze set-up zijn optreden te geven is een compleet raadsel. Ik betwijfel of de programmering hem had geboekt als ze hadden geweten dat ze dit zouden krijgen. Het pas niet in de sfeer van het festival en is een behoorlijke smet op de verder vlekkeloze avond.

Lisa Hannigan

Gelukkig is de redding nabij. In de kleine zaal staat het Utrechtse Amber Arcades. Op cd zit het in de hoek van Broadcast en Stereolab, maar live is het wilder en losser in de richting van bands als Fear Of Men en Alvvays. De ingetogen, ietwat hese zang van Annelotte de Graaf doet bij vlagen denken aan een jonge Carol van Dijk. De band speelt tegelijk gedreven en nonchalant de catchy liedjes op hun gitaren vol met echo, 60's bas en drums met theedoeken eroverheen. Het is een lekker nerdy of juist hipster clubje hier op het podium (ziet iemand dat verschil nog?) en de zaal swingt lekker met ze mee. Toch nog een fijne afsluiter van deze zeer geslaagde eerste dag.

ZATERDAG

Het is aan Angel Olsen om de grote zaal te openen op dag twee. De Amerikaanse zangeres/gitariste heeft een vijfmansband meegenomen met twee gitaristen, een bassist, drummer en zangeres voor tweede stem. Het concert opent met een paar americana nummers met een indie randje. Het heeft de klassieke samenzang van bijvoorbeeld The Everly Brothers, maar dan wat losser en minder braaf. Een soort slacker-americana zeg maar. Olsen is geen podiumbeest en de band straalt niet bijzonder veel energie uit, maar er wordt aandachtig gemusiceerd en dat is natuurlijk ook wat waard. Gaande weg het concert stijgt het tempo wat, en krijgen we wat meer indie nummers te horen. Een slim samengestelde setlist vormt een goed begin van wederom een zeer fraaie avond.

Angel Olsen

In tussen staat in de Lutherse Kerk PJ Harvey op het programma met haar poëzie. Men wordt verzocht telefoons uit te zetten en volledige stilte te bewaren. De in deftig zwart geklede Harvey loopt het podium op en vertelt over de totstandkoming van de bundel die ze samen met fotograaf Seamus Murphy maakte. Ze werd direct geraakt door zijn werk en zei: 'What he did with photography, was exactly what I tried to do with song'. De prachtige foto's van Murphy zijn de begeleiding bij de vrij donkere, in klare taal geschreven gedichten van Harvey. Beide zijn gemaakt op hun gezamenlijke reizen naar Kosovo, Afghanistan en Washington DC. Ze klinkt opvallend posh voor de dame die zo heerlijk snauwend kon zingen op haar eerdere albums. De locatie blijkt een gouden greep en zorgt ervoor dat de boodschap nog beter overkomt. Als je niet al stil was, dan werd je het er wel van.

Warhaus

Snel door naar Warhaus, het nieuwe bandje van Balthazar frontman Maarten Devoldere. Hun geluid is een gemoderniseerde versie van Gainsbourg en Hazlewood, maar dan met meer ballen. De band bestaat naast Devoldere op zang en bas, uit een gitarist en een drummer. De sfeer van de plaat is lastig naar het podium te vertalen, maar daar heeft het trio allerlei creatieve manieren voor gevonden. Er lopen samples mee, de drumkit is voorzien van een elektrische drumpad en de gitarist heeft ook zo'n drumpad staan, een piano naast hem en nog allerlei toeters (figuurlijk) en bellen (letterlijk). Op het instrumentale Beaches pakt Devoldere er opeens een trompet bij, die eerst wordt gelooped waarna de rest van het nummer er omheen wordt gebouwd. Op andere nummers speelt Devoldere geen instrument en kan hij zich vrij over het podium bewegen met zijn microfoon. Hij struint even laconiek als hij zingt en lijkt een soort sleazy crooner. Ondertussen kan er geen mens meer bij en is het een hete, kolkende massa geworden. De kleine zaal is dus misschien al te klein voor Warhaus, maar in een afgeladen zaal naar een bezwete band kijken is wel behoorlijk rock n roll. Tijdens afsluiter Here I Stand is de bas geloopt, waardoor Devoldere in de instrumentale break van het podium kan verdwijnen om zijn band in de spotlight te laten staan. Wat volgt is een Iron Butterfly-achtige irruptie van gitaar en drum die zowel samenspelen als elkaar muzikaal te lijf gaan. Een absoluut hoogtepunt en hét concert waar je bij had moeten zijn van dit weekend.

John Moreland

Snel terug naar de kerk waar het nu de beurt is aan de grote man met de kleine liedjes: John Moreland. Met zijn truckers-pet en dito uiterlijk verwacht je niet dat er zulk verfijnd gitaarspel uit zijn getatoeerde vingers kan komen. Zijn songs zijn een combinatie van de verhalende teksten van Springsteen en de warme sfeer van pure Americana. Zijn stem is kraakhelder en hij werkt heel slim met de galm van de kerk. Zo zet hij op het juiste moment een uithaal net even wat dikker aan en laat zijn woorden schallen door de ruimte. Indrukwekkend optreden met de nodige kippenvel momenten.

Palace

Tegelijkertijd staat Palace in het Koorenhuis aan de overkant van 't Paard. Onze fotograaf kwam er aan het begin van het concert niet eens in en wil het graag nog een keer proberen. Ik ken de band verder niet, maar loop voornamelijk mee om de locatie te zien. Eenmaal binnen blijkt het hier nog warmer dan bij Warhaus en druipt het zweet bijna van de schuine wanden naar beneden. De Londonse alternatieve band is op dreef en wij zijn direct gegrepen door de intensiteit die van het podium af vliegt. Hun geluid is een combinatie tussen het weidse geluid van bands van nu als The Maccabees en Foals en het losse van 90's bands als Blind Melon. De zanger/gitarist, die ook qua stem op The Maccabees' Orlando Weeks lijkt, stort zich met even veel overtuiging op zijn gitaar als op zijn microfoon. De band speelt lekker losjes en is perfect op elkaar ingespeeld. Palace is de grote verrassing van het festival en ik vind het jammer dat ik er niet meer van heb kunnen zien.

Een van de grootste namen op de zaterdag is toch wel Minor Victories. De supergroep bestaat uit drie generaties muzikanten uit niet de minste bands, namelijk Slowdive, Editors en Mogwai. Het klinkt ook precies als je zou denken als je die drie bands bij elkaar zou zetten: de gelaagdheid van Mogwai, de synths van Editors en de zang van Slowdive. Het probleem is echter het geluid. Naast het bekende Mogwai euvel dat het simpelweg veel te hard staat, klinkt het ook nog eens warrig. Kevin Shields legde het optreden van zijn My Bloody Valentine in de Effenaar bijna 10 minuten stil om met de geluidsman te bakkeleien en ik begrijp nu voor het eerst waarom. De afstemming moet perfect zijn om de dromerige zang te kunnen horen boven dergelijk gitaargeweld. Het is meer wall dan sound. Of andersom, daar wil ik vanaf wezen. Het is de eerste en enige keer deze editie dat het geluid te wensen overlaat, juist bij de band die dat het meeste nodig had. En dat is heel jammer.

Minor Victories

In de kleine zaal is het de beurt aan de klassiek geschoolde C Duncan en zijn dreampop. Op zijn tweede album The Midnight Sun is het vooral heel veel lagen synth en vocalen die het tot zo'n dromerig geheel maken. De live set-up is met “slechts” twee synths, gitaar, bas en drum enigszins verrassend. Maar vanaf eerste nummer Like You Do is meteen duidelijk dat het geluid van de plaat akelig dicht benaderd wordt. Soms is net zo klinken als op de plaat een slecht iets, bijvoorbeeld bij rockbands die live niets extra's weten te brengen. Maar soms is het een prestatie en dat is hier zeker het geval. Het drumwerk is ontzettend strak, het gitaargeluid is zo bewerkt dat het soms ook een synth-achtige kwaliteit krijgt en de bas is warm en vloeiend. Behalve de drummer heeft de hele band een microfoon en wordt er medere malen vierstemmig gezongen. De aankondiging van de single Say van zijn eerste album resulteert zelfs in het gegil van een paar meisjes. Duncan lijkt verbaasd door die reactie, maar is er uitermate blij mee. Je hoort echter wel hoe ontzettend snel hij zich ontwikkelt heeft als songschrijver. De folky liedjes van de eerste plaat staan in schraal contrast met de rijkdom van zijn tweede album. En dan te bedenken dat er slechts 15 maanden tussen de twee albums zit. Bij het nummer Garden gaat (en kan) de band voor het eerst een beetje los. Het bijna proggy nummer heeft een paar tempowisselingen en zelfs ruimte voor een of twee gitaaruitspattingen, waar de gitarist zichtbaar van geniet. C Duncan brengt een aantal van de meest verfijnde composities van het festival ten gehore en is een persoonlijk hoogtepunt.

C Duncan

Afsluiter van de grote zaal is The Low Anthem, vooraf bezien een vreemde keuze. De band uit Providence heeft een scala aan instrumenten mee, waaronder Bryan Minto's Space Piano, een zelf getimmerde bak met een lading aan apparatuur, draden en knopjes erin. Hij zorgt daarmee voor het rauwe randje en de onverwachte elementen. Hij zingt tweede stem door een megafoon, laat wat radio ruis horen en voegt andere geluiden en effecten toe. De muziek van The Low Anthem is voor het merendeel prachtige, ingetogen songs die soms meer op soundscapes met zang lijken. De band wordt van achter belicht en de zaallichten zijn helemaal uit. Het maakt het podium tot een droomlandschap en het effect is betoverend. Als Minto opeens achter zijn drumstel plaats neemt (een van de twee drumstellen op het podium) en een punkrock nummer inzet, is de schock bij het publiek merkbaar. Het is een zeer koude douche, na het warme bad dat we hiervoor hadden. Niet alleen het feit dat het een punk nummer is, is jammer, het is ook nog eens bar slecht gespeeld en rammelt aan alle kanten. Het volgende nummer is weer net zo mooi als daarvoor, maar het is net als 's nacht wakker worden, je komt niet meer terug in de droom die je daarvoor had. Geen idee wat de motivatie is om het nummer in de set te proppen, maar het doet afbreuk aan de sfeer die ze net zo mooi hadden weten op te bouwen. Of het een geslaagde afsluiter is weet ik niet helemaal zeker, want je avond afsluiten wegdromend op schitterende, sfeervolle muziek heeft op zich wel iets. Het had alleen logischer geweest als het festival op zondag eindigde. Het is zaterdagnacht en je verwacht toch iets dat meer knalt. Minor Victories had een logischere keus geweest.

The Low Anthem

Crossing Border 2016 was een zeer geslaagde editie met de nodige verrassingen, leuke ontdekkingen en heel veel goede optredens. En wat ook wel een keer gemeld mag worden, is dat alle vrijwilligers, barpersoneel en beveiligers uitermate vriendelijk en behulpzaam zijn geweest het hele weekend. Zoiets kan een festival maken of breken, vooral in het geval van overdreven aanwezige beveiliging of gedemotiveerd personeel, dus dan mag het ook wel eens gezegd worden wanneer allemaal wel dik in orde was. Complimenten voor de gehele organisatie en op naar volgend jaar!

FABIAN HOFLAND
FOTO'S: MICHEL MEES

 

Gezien: 

Diverse locaties, Den Haag, 4 en 5 november 2016

Muzine Beoordeling: 

8

ad bol.com

FIFA 18

Redacteuren en Fotografen

Muzine.nl is altijd op zoek naar goede redacteuren en fotografen.

Interesse? Stuur een mailtje naar ronald@muzine.nl

Social media

Volg Muzine.nl op Facebook of Twitter

Like us